Workshops Romantisch gitaar 2003, een verslag van Frits Sandkuijl.

Van gitaar naar luit... en terug

Zo'n vijftien jaar geleden maakte ik de overstap van gitaar naar luit. Daaraan ging veel twijfel, gedub en aarzeling vooraf. Uiteindelijk joeg ik de kogel door de kerk. De nagels van de rechterhand werden kortgeknipt, hetgeen voor mij als gitarist zr ingrijpend was en welhaast een amputatie leek. Maar het was ook een zorg minder: geen zorg om lange nagels, geen gevijl. Ik vond, dat de luit een volledige kans moest krijgen. Dus niet gitaarspelen n met luit starten. Niet van twee walletjes eten. Nee, de luit zou zeker voor een jaar vrij baan en dus alle aandacht krijgen.

Het liep anders dan ik had gedacht. Dat ene jaar werd uiteindelijk anderhalf decennium. Zo'n vijftien jaar waarin de luit de gitaar volledig had verdrongen. Hoewel ik me met enthousiasme en overtuiging alleen met luitmuziek bezighield, besefte ik af en toe met de keus voor alleen de luit een muzikaal terrein te hebben afgesloten. Weliswaar was ik toentertijd wat uitgekeken op de vroege negentiende eeuw, maar de luit sloot ook uitstapjes naar eigentijdse muziek zoals jazz hoegenaamd uit. De weinige keren, dat ik de gitaar in handen had, was het mede door de aanslag met vlezige vingertoppen een vreemd object geworden.

De laatste tijd mag ik inmiddels op mijn arciliuto een vocaal mannenkwintet begeleiden. Het programma van dit ensemble reikt van de renaissamnce tot en met de twintigste eeuw, van Lassus en andere polyfonisten tot de Comedian Harmonists en de Revellers. Als de mannen na de pauze met Schubert en Schumann de romantiek instappen is er voor mij op de luit niets meer te begeleiden en kan ik tussen het luisterend publiek plaatsnemen. Een half jaar geleden kreeg ik op een repetitie een vierstemmig Schubertlied aangereikt met de vraag of ik de begeleidende piano- c.q. gitaarpartij voor luit wilde bewerken. Natuurlijk wilde ik dat proberen. Maar toen ik thuis kwam, dacht ik: "Voor luit bewerken?! Niks bewerken! Ik ga eerst eens met de gitaar aan de gang!" Dat viel mij na vijftien jaar eigenlijk mee. Je kunt het vergelijken met na lange tijd weer een vreemde taal te moeten spreken. Stukje voor stukje komt de woordenschat weer naar boven borrelen. Een zelfde proces bij mijn gitaarspel. De relatie linkerhand en notenbeeld werd allengs hechter en de rechterhand stelde zich steeds beter in op de zes enkelvoudige gitaarsnaren. Om mijn verhaal wat bondiger te maken: het eerstvolgende concert bevatte een vierstemmig lied van Franz Schubert mt gitaarbegeleiding en zelfs een klein intermezzo voor gitaar-solo!

Vanaf dat moment kwam alles in een stroomversnelling, met name door het artikel van Jelma van Amersfoort in de Tabulatuur van september 'An orchestra in miniature', waarin ze vertelde, dat de combinatie luit en romantische gitaar heel gelukkig kan zijn. Deze constatering gevoegd bij de mogelijkheid om tijdens haar te geven workshops op originele 19de-eeuwse gitaren te kunnen spelen, was voor mij aanleiding om me aan te melden voor de drie workshopdagen. Op de eerste twee bijeenkomsten, respectievelijk voor solospel n voor twee of meer gitaren, was ik de enige luitist. Maar met de goede keus van de te spelen stukken en haar deskundigheid en enthousiasme had Jelma mij al gauw op de juiste muzikale koers. De composities die iedereen thuis had voorbereid konden op de cursusdag ook op authentieke vroeg-negentiende-eeuwse gitaren worden geprobeerd. Dat was voor mij en eigenlijk voor iedereen een bijzondere ervaring. Ik speelde daar op een met darm besnaard instrument, met voor het luitspel kortgehouden nagels n met een inmiddels ingeslepen luitspeltechniek weer gitaarmuziek! De derde en laatste workshopdag stond in het teken van de liedbegeleiding. Jelma van Amersfoort had Christopher Kale, o.m. verbonden aan Cappella Pratensis en het Nederlands Kamerkoor, bereid gevonden zich die middag door cursisten te laten begeleiden. Om meer redenen een unieke ervaring. Je bent niet vaak in de gelegenheid om zo'n goede zanger muzikaal te vergezellen n dan mag je hem ook nog begeleiden op een historische vroeg-romantische gitaar.

Een aantal weken later kreeg ik de tip dat ergens een originele Weense gitaar uit ongeveer 1830 te koop was. Louter om financile redenen heb ik nog een tijd geaarzeld. Uiteindelijk ben ik door de knien gegaan en mag het gerestaureerde instrument tot het mijne rekenen: darmsnaren, geen stemmechaniek maar stemknoppen als van een viool, een verstelbare hals, aanzienlijk kleiner dan de 'gewone' klassieke gitaar. De drie workshopdagen hebben voor mij niet alleen de gitaar in ere hersteld, maar zijn ook een bron van informatie geweest. Deelnemers werden door Jelma op het spoor gebracht van interessante gitaarliteratuur en attractieve websites. Voor mij zijn de vele bundels met liederen voor zang en gitaarbegeleiding een mer a boire. Van Sor en Giuliani en veel meer componisten zijn heel veel fraaie liederen. Kortom er is voor mij op een verloren gewaand terrein weer veel te ontdekken. Inmiddels wissel ik het luitspel met gitaarspelen af. Dat bevalt me uitstekend. Er is een muzikaal gebied bijgekomen. Het kan raar lopen. Gelukkig maar!

Frits Sandkuijl, 2003

WebSTAT - Free Web Statistics